Тестування

Vraag 1 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "geven"?

A geeft
B gaf
C gegeven
D gave
Vraag 2 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "worden" (hij)?

A wordte
B werd
C geworden
D wordt
Vraag 3 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "doen" (jij)?

A doet
B deed
C gedaan
D doet
Vraag 4 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "zijn" (hij)?

A ben
B is
C was
D was
Vraag 5 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "doen"?

A deed
B gedoen
C gedaan
D doet
Vraag 6 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "lezen"?

A las
B leest
C gelezen
D lees
Vraag 7 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "hebben" (ik)?

A heb
B had
C heeft
D hadden
Vraag 8 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "slapen"?

A sliep
B slaapte
C geslapen
D slaap
Vraag 9 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "komen" (hij)?

A komde
B kwam
C gekomen
D komt
Vraag 10 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "gaan" (wij)?

A gaan
B gingen
C gegaan
D ging
Vraag 11 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "eten"?

A eet
B at
C gegeten
D eten
Vraag 12 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "lopen"?

A liep
B loopte
C gelopen
D loopt
Vraag 13 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "staan" (ik)?

A staat
B stond
C gestaan
D sta
Vraag 14 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "zien" (wij)?

A zagen
B zag
C gezien
D ziet
Vraag 15 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "zijn"?

A ben
B was
C is
D word
Vraag 16 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is de verleden tijd van "staan"?

A staat
B stond
C gestaan
D sta
Vraag 17 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "zien"?

A zag
B ziet
C gezien
D zagen
Vraag 18 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "drinken"?

A dronk
B drinkt
C gedronken
D drink
Vraag 19 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "komen"?

A kwam
B komt
C gekomen
D kom
Vraag 20 / 20
Onregelmatige werkwoorden A1

Wat is het voltooid deelwoord van "hebben"?

A had
B heeft
C gehad
D heb
🏆

Resultaten

0 / 20

Помилки: